Een van de grote verschillen tussen klassieke muziek en popmuziek zit in hun missie. Terwijl popmuzikanten vooral hun eigen muziek promoten, willen klassieke musici ook interesse wekken voor het genre, klassieke muziek naar de mensen brengen. Wie weleens naar een klassiek concert gaat en de grijze hoofden ziet, zou een beetje cynisch kunnen zeggen: ze moeten wel, anders is er over twintig, dertig jaar geen publiek meer. Tegelijk is het opmerkelijk dat er zoveel jonge klassieke muzikanten zijn en dat juist zij deze taak op zich hebben genomen. Er zijn kennelijk wel jongeren die klassieke muziek willen maken, maar nauwelijks die ernaar willen luisteren. Een ander verschil is dat popmuzikanten meestal hun eigen muziek spelen, terwijl klassieke musici vooral werk spelen van componisten die al lang dood zijn. Niet alleen het publiek wordt steeds ouder, ook de muziek. In dit essay wil ik enkele gedachten ontwikkelen over de paradoxen van de klassieke muziek op dit moment.